Overslaan en naar de inhoud gaan

Invoeringstoets geloofwaardigheidsbeoordeling afgerond

Laatst bijgewerkt:

De aangepaste geloofwaardigheidsbeoordeling bij asielverzoeken blijkt in de praktijk goed uitvoerbaar. Medewerkers van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) kunnen de nieuwe beoordelingsmethodiek goed toepassen. Tegelijkertijd geven zij aan behoefte te hebben aan meer duidelijkheid over de toepassing van de risicoprofielen. Dit blijkt uit de invoeringstoets van de aangepaste geloofwaardigheidsbeoordeling en de risicoprofielen die in maart 2024 zijn geïntroduceerd. 

De invoeringstoets richt zich op de gevolgen van de nieuwe geloofwaardigheidsbeoordeling en de toepassing van risicoprofielen. De toets heeft als doel knelpunten en onbedoelde effecten in de uitvoeringspraktijk in een vroeg stadium te signaleren en op te pakken.

Op basis van de invoeringstoets ziet de minister van Asiel en Migratie geen aanleiding om de geloofwaardigheidsbeoordeling aan te passen. Wel brengt de IND het belang van goed meewegen van het referentiekader blijvend onder de aandacht bij medewerkers. Daarmee wordt eveneens tegemoet gekomen aan kritiek van belangenbehartigers.

Logischer en beter onderbouwd

Met de nieuwe geloofwaardigheidsbeoordeling heeft de IND de werkwijze meer in lijn gebracht met Europese regelgeving en de werkwijze in andere EU-lidstaten. Daarnaast bracht de dienst meer structuur aan in de beoordeling. Hierdoor is de beoordeling logischer en beter onderbouwd. De IND beoordeelt eerst eventuele documenten van officiële instanties, die het asielmotief onderbouwen. In sommige gevallen zijn deze documenten al voldoende om het asielrelaas geloofwaardig te maken. Als er geen documenten zijn, beoordeelt de IND de geloofwaardigheid van het vluchtverhaal aan de hand van de voorwaarden uit de Europese Kwalificatierichtlijn. Hierbij kijkt de IND ook naar wat er redelijkerwijs van de aanvrager verwacht mag worden. 
De nieuwe beoordeling leidt niet tot andere conclusies in individuele zaken. Zaken die eerst ingewilligd werden onder de oude werkinstructie, worden volgens medewerkers ook onder de nieuwe werkinstructie ingewilligd.

Individuele beoordeling

Ook de systematiek van de risicoprofielen blijft ongewijzigd. Het individuele risico dat een aanvrager zelf loopt bij terugkeer naar het land van herkomst staat nu meer centraal. Het risicoprofiel is daarbij een hulpmiddel. Daarbij betrekt de IND landeninformatie bij de beoordeling. 

Eerder hanteerde de IND het ‘risicogroepen- en kwetsbare minderhedenbeleid’ waarbij iemand die binnen een risicogroep viel alleen daardoor al snel in aanmerking kwam voor asielbescherming. 
Hoewel medewerkers twijfels hebben over de meerwaarde van de risicoprofielen, 
leidt dit volgens de meesten tot een eerlijker beoordeling of iemand daadwerkelijk bij terugkeer te vrezen heeft. 

De IND gaat intern relevante landeninformatie ook toegankelijker maken zodat medewerkers die beter kunnen betrekken bij de beoordeling van een asielverhaal. Het gaat daarbij specifiek om de landeninformatie over de omstandigheden waardoor een asielzoeker, die behoort tot een risicoprofiel, een hoger of juist lager risico loopt. Het belang van juiste, duidelijke, actuele en toegankelijke landeninformatie wordt ook door vertegenwoordigers van de aanvragers benadrukt.

Meer transparantie gewenst

Belanghebbenden, zoals VluchtelingenWerk Nederland, Nidos en de asieladvocatuur willen meer inzicht in de weging van de verschillende onderdelen waarop de IND toetst en zij zien wisselende kwaliteit, doordat beslissers teveel beoordelingsruimte hebben. De IND herkent de kritiek niet.

Wat de IND betreft geeft de nieuwe werkwijze juist meer inzicht in de beoordeling. Alle feiten en omstandigheden worden betrokken in de beoordeling en op deze manier wordt er het meeste recht gedaan aan de omstandigheden van de individuele zaak. 


Deel dit artikel


Gerelateerd nieuws